Het proces van het kiezen van een auto begon met een duur elektrisch model dat Laura had onderzocht als mogelijke hoofdauto voor haar tienerdochter Stacy. Toen Laura echter toevallig hoorde hoe Stacy tegen haar klasgenoten volhield dat haar moeder elke luxeauto zou kopen die ze maar wilde, besloot Laura de plannen aan te passen. Ze annuleerde de aankoop van het dure elektrische model en kocht in plaats daarvan een gewone, gebruikte zilverkleurige sedan.

Op Stacys zestiende verjaardag werd de auto overhandigd met één autosleutel in een klein doosje. Buiten stond de gebruikte zilverkleurige sedan op de oprit, als zichtbare vervanging voor de luxeauto die Stacy had verwacht. De auto vormde een tastbaar bewijs dat rechtstreeks in tegenspraak was met de eerdere verhalen die Stacy tegenover haar leeftijdsgenoten had verteld.
Voor haar dagelijkse rit naar school moest Stacy kiezen: zelf met de zilverkleurige sedan rijden of zich door haar ouders laten brengen. Omdat ze niet bij de schoolpoort wilde worden afgezet, besloot Stacy zelf te rijden. Vanaf dat moment werd de sedan haar dagelijkse vervoermiddel en stond hij iedere ochtend op een vaste plek op de parkeerplaats van de school.
Het voortdurende gebruik van de auto bracht ook terugkerend onderhoud met zich mee. Stacy nam de verantwoordelijkheid voor het uiterlijk van de wagen op zich en waste hem regelmatig buiten op de oprit. Om haar eigen lopende kosten te kunnen betalen, nam ze een parttimebaan aan, zodat ze zelf kon bijdragen aan de brandstofkosten en de terugkerende verzekeringspremies.

Uiteindelijk werd de zilverkleurige sedan een vast onderdeel van het dagelijkse vervoer binnen het gezin. De auto, die steevast op de parkeerplaats van de school stond, veranderde van een belangrijk twistpunt in een praktisch vervoermiddel dat Stacy met haar eigen werk en regelmatig onderhoud zelf leerde bekostigen.