
In de opslagruimte ontdekte James negen kisten met opschriften, gevuld met literatuur, en een foto uit 1972. Op de foto zaten twee tienermeisjes onder een boom, met de namen ‘Margaret en Ellie’ erbij geschreven. Uit de bijgevoegde brief bleek dat Eleanor vroeger bevriend was geweest met Margaret, de 73-jarige grootmoeder van James. In de brief beschreef Eleanor ook een oud conflict over huwelijksadvies, waardoor de twee vrouwen tientallen jaren geleden uit elkaar waren gegroeid.
James nam de brief en de foto mee naar het huis van zijn grootmoeder Margaret, zodat ze samen konden praten over Eleanors laatste band met het verleden. Margaret las de brief, bevestigde dat ze vroeger bevriend waren geweest en vertelde hoe hun vriendschap was stukgelopen na een meningsverschil over haar huwelijk. James haalde vervolgens de negen opslagkisten met de boekencollectie op en bracht ze rechtstreeks naar het huis van Margaret, waar ze de boeken konden bewaren en rustig bekijken.
Terwijl ze de spullen uitpakten, herkende Margaret een klein blauw boek met een harde kaft en een rug die met plakband was gerepareerd. Aan de binnenkant van de kaft stond een handgeschreven opdracht, ondertekend met ‘Maggie’. Op de pagina’s stonden kanttekeningen, onderstreepte zinnen en handgeschreven opmerkingen die de twee vrouwen in hun jeugd met elkaar hadden uitgewisseld.

James wees het verzoek van Eleanors dochter af om de boekencollectie terug te geven of te verkopen. In plaats daarvan besloot hij de boeken bij Margaret thuis te laten. De twee bleven samen lezen in het boek vol aantekeningen en bewaarden de volledige verzameling in haar huis.